terug
LUIK
Waalse
provincie met gelijknamige hoofdstad. Jupiler is 's lands grootste
pilsmerk. Wat de overige Luikse brouwerijen op jaarbasis produceren,
maakt Piedboeuf in drie minuten. Toch zijn we met die andere brouwerijen
best blij.
Verdwenen:
AU
GRAIN D´ORGE
Brouwerij ‘Au
Grain d'Orge’ is gevestigd in Hombourg. Ze is genoemd naar het
gelijknamige café, waarvan de brouwerij oorspronkelijk deel uitmaakte.
Inmiddels is de brouwerij losgekoppeld van het café en verhuisd naar
een andere plek in Hombourg, dichtbij de oorspronkelijke locatie.
Eigenaren zijn Benoît
en Viviane Johnen. Benoît deed brouwervaringen op bij de voormalige
brouwerij (nu bierhandel) Piron
in Aubel, maar maakt voor het brouwen van zijn bier gebruik van de hulp
en kennis van de brouwfaculteit
van de katholieke Waalse universiteit van Louvain-la-Neuve.
De twee standaardbieren
van Grain d’Orge zijn Joup en Brice. Joup is een gekruid bruin bier
met een duidelijk karamelkarakter en een alcoholpercentage van 7,5. De
Brice is de blonde gekruide tegenhanger en heeft hetzelfde
alcoholgehalte. De namen ‘Brice’ (de groene schuttersvereniging St.
Brice) en ‘Joup’ (de rode vereniging St. Joseph) verwijzen naar twee
‘rivaliserende’ gezelschappen in het Hombourger
verenigingsleven.

Benoît Johnen brouwt
ook vele bieren op bestelling. Zijn eerste bier is een donkerbruin bier
van hoge gisting en wordt in opdracht gebrouwen van een bierhandelaar
uit Battice en het bezoekerscentrum
Drielandenpunt. Voor bierhandelaar Piron uit Aubel maakt Benoît
Johnen Aubel Brune en Aubel Blonde.

Voor boscafé 't
Hijgend Hert in Vijlen wordt het ‘Hert, Vijlenerbosbier’
gebrouwen, een blond kruidig bier van 7,5%.
BRASSERIE
DE L'ABBAYE DE VAL-DIEU
De
cisterciënzerabdij van Val-Dieu ligt in het landelijk gebied op zo'n
drie kilometer ten westen van Aubel aan het riviertje Berwinne (of
Berwijn). In 1997 werd een brouwerij op het abdijterrein opgericht,
nadat een eerdere poging om de Val-Dieubieren tot leven te wekken bij de
Brasserie Piron
in Aubel was mislukt. Initiatiefnemers van de brouwerij
op de abdijsite zijn Alain Pinckaers en Benoît Humblet. De eerste was
handelaar in producten voor de zuivelindustrie, de tweede afgestudeerd
brouwer aan de universiteit van Louvain-La-Neuve.
De
eerste twee bieren onder de Val-Dieunaam zijn de Blonde (6%) en de Brune
(8%). De Blonde heeft het karakter van een ongekruid witbier. De Brune
heeft een aangename smaak waarin karamel en koffie-chocolade domineren.
In overleg met bierhandelaar Corman-Collins in Battice verhuisde diens
Triple de Val-Dieu (9%) van Ingelmunster naar Aubel.

Het vierde
Val-Dieubier is de Noël, een kerstbier van 7%. En de familie groeit,
want inmiddels is er ook een Grand Cru, een uitstekend zwaar donker
abdijbier van 10% alcohol. Oorspronkelijk was het bier bedoeld voor de
Amerikaanse markt. Inmiddels is het ook bij de abdij verkrijgbaar in
flessen van 75 cl.
Val-Dieu
brouwt ook voor derden. Voor bijvoorbeeld Corman-Collins worden
La Merveilleuse
de Chêvremont en
La Ploquette
gebrouwen.
La Ploquette
is het messing- tot amberkleurige bier van de voormalige brouwerij Ruwet
uit Verviers. De Brennerei-Distillerie Radermacher laat bij Val-Dieu
twee jeneverbieren brouwen: Rader Blonde
en Ambrée.
LA
BOTTERESSE DE SUR LES BOIS
Omdat
hij bier een spannend en leuk product vond, kocht Willy Moulin uit
Jupille bij Luik een brouwkit. Het brouwen ging hem goed af. De
vergisting onder de knie krijgen was een groter probleem. Dat veranderde
vanaf het moment dat zijn neef José Poncin bij het brouwproces werd
betrokken. De kwaliteit werd steeds beter. Na de brouwkit kwamen de
eigen keteltjes, de mout die met een handmolen werd geschroot, de
vergistingtankjes, enzovoort. In 1997 richtten José en Willy een nieuwe
brouwerij op. De oorspronkelijke naam was Brasserie des Bruyères, maar
veranderde al snel in La
Botteresse, naar haar bekendste biermerk. Kleine hoeveelheden werden
in Jupille gebrouwen, voor grotere brouwsels deed José Poncin een
beroep op de installatie van de Brasserie Vervifontaine in Jalhay bij
Verviers.
Voor
de stichting (vzw) Saint-Georges, Village
des Plaisirs de la Bouche, brouwt José Poncin een serie bieren
onder de naam Sur-les-Bois. Saint-Georges, met name de buurtschap
Sur-les-Bois, ligt onder de rook, of beter onder de nachtvluchten, van
de Luikse luchthaven Bierset. Als gevolg hiervan ontvolkt de gemeente en
zijn talrijke winkels en bedrijven verdwenen. De stichting Saint-Georges,
Village des Plaisirs de
la Bouche
, heeft tot doel Sur-les-Bois een nieuwe impuls te geven door het
ontwikkelen van economische, sociale en toeristische activiteiten rondom
het thema streekproducten. In april vindt de jaarmarkt plaats.
Maandelijks, behalve in de winter, is er een markt voor regionale
producten en er is een tweetal musea, waaronder het apicultuurmuseum.
Omdat de Brasserie
La Botteresse
in Jupille met plaatsgebrek kampte, vroeg de grote man achter de
stichting Sur-les-Bois, Bernard Pairoux, aan José Poncin of deze de
brouwerij naar Saint-Georges wilde verplaatsen. Samen konden ze voor een
gering bedrag, dankzij de steun van het Waalse gewest, de oude
Fordgarage in Sur-les-Bois huren.
Begin
2006 was de verhuizing een feit. Vervolgens gingen heel veel mensuren
zitten in het ver- en ombouwen van de garage tot brouwerij. Gedurende de
verbouwing moest de winkel blijven draaien. Vanaf 1 februari 2006 werd
er niet alleen flink getimmerd, maar ook veel gebrouwen in Sur-les-Bois.
In de oude installatie van de inmiddels failliet verklaarde Brasserie
Vervifontaine, die José Poncin had opgekocht en overgebracht naar zijn
nieuwe brouwerij. Inmiddels is de brouwerij formeel geopend.
De
Botteressebieren zijn genoemd naar de vrouwen die in de regio Luik
goederen transporteerden in een rieten mand op hun rug. De
oorspronkelijke jongedame siert nog steeds het glas, maar op het etiket
is ze vervangen door een even schone creatie van Walthéry,
de tekenaar van de strip Natasja.
Ze lijkt ook een beetje op Natasja, maar dan met zwart haar. Het gamma
bestaat uit een Ambrée, een Blonde, een Brune, een Cerise en een Bière
au Miel. De Ambrée is de eerstgeborene en volgens Willy Moulin nog
steeds de beste. Het is met 8,5% een stevig bier, waarin karamel, gist
en kruiden goed harmoniëren. De Blonde, 7,5 %, is fris, met iets van
citrus en een lichte kruidentoets. De Brune is duidelijk meer op zijn
plaats in de koude dan in de warme jaargetijden. Mokka en chocolade
concurreren met een stevige kruidenmix. De hoofdsmaak is zoet, maar de
kruiden en de donkere mouten zorgen voor voldoende bitterheid om het
bier in balans te houden. Een echte winterwarmer. De Cerise is een heel
aangenaam kersenbier, fris en fruitig. Het zoetige is enkel op de
achtergrond aanwezig. Dat geldt niet voor de schuimkraag, die verdwijnt
helaas iets te snel. In het Bière au Miel komt de honing duidelijk naar
voren, terwijl ook de kruiden zich laten opmerken.
De
Sur-les-Boisetiketten zijn ontworpen door de tekenaar Laurent Coenen uit
Saint-Georges. De standaardbieren zijn Brune, Blonde en Ambrée. Volgens
José Poncin zijn de bieren iets lager in densiteit en meer gekruid. Dat
laatste is zeker waar. De Sur-les-Bois Brune, 9%, is iets voor
liefhebbers van een bier als De Gageleer. Na de Brune blijkt de Ambrée
van 8% opmerkelijk goed in evenwicht, zelfs fris van smaak voor zo’n
stevig bier.
La
Botteresse de Sur-les-Bois maakt enkele gelegenheidsbieren, zoals een Bière
de Noël, complex, droog, iets zoetig en absoluut niet kruidig
overkomend, of een bier met pompoen.
Les
Deux Nigauds
(de twee zotten) zijn twee Luikenaren, die het bruine bier Deux Nigauds
brouwen in de installaties van
La Botteresse. Het
bier wordt gebrouwen uit water, gerstemout, tarwe, hop en gist en heeft
een alcoholpercentage van 8%. Het bier heeft een mooie smaak van donkere
chocolade en koffie, iets van zwarte pruimen, banaan en gist.


PIEDBOEUF/JUPILER
AB/INBEV) JUPILLE-SUR-MEUSE (LUIK)
Voordat
de familie Piedboeuf zich op het brouwen stortte, bouwde ze stookketels
voor voornamelijk Belgische en Duitse brouwerijen. In 1853 brouwt
Jean-Théodore Piedboeuf zijn eerste bier, dat hij laat rijpen in de
voormalige wijnkelders van een oud kasteeltje in Jupille-sur-Meuse bij
Luik. Vanaf 1910 brouwt Piedboeuf ondergistend bier en is sinds de 30-er
jaren van de vorige eeuw de grootste brouwerij van Luik en Oost-België.
Jupiler
slaagt erin een groot aantal brouwerijen over te nemen. Bekende namen
uit een groots verleden zijn Het Sas uit Boortmeerbeek, Aigle-Belgica in
Brugge, Krüger uit Eeklo, Meiresonne in Gent, de Brouwerij van Gistel
en Lamot in Mechelen.
De
pils van Piedboeuf heet Extra Piedboeuf. Tot 1966. Dan verschijnt de
Jupiler op de markt, een tijdje nog onder de naam Jupiler 5, inmiddels
zonder rugnummer. Jupiler wordt de populairste pils van België, groter
nog dan rivaal Stella Artois uit Leuven. Mannen weten waarom.
Om
internationaal te kunnen opereren en concurreren wordt de Leuvense
rivaal via een aantal stappen de beste vriend. In 1986 vormen Artois en
Piedboeuf de internationale marketingonderneming: Artois Piedboeuf
International (A.P.I.). In 1987 wordt de naam Artois Piedboeuf Interbrew.
In maart 1988 fuseren de brouwerijen en andere betrokken maatschappijen
officieel tot Belbrew, waarna de naam in
1989 in
Interbrew wordt veranderd. Inmiddels zijn we enkele stappen verder en is
Interbrew na een fusie met het Braziliaanse AmBev tot InBev en na de
overname van het Amerikaanse Anheuser-Busch tot AB
InBev in volume de grootste brouwer ter wereld.

Wat
wordt er in Jupille-sur-Meuse nog meer gebrouwen dan Jupiler? Welnu, bij
een concernbrouwerij weet je dat nooit. Jupiler, zoals Piedboeuf
tegenwoordig wordt genoemd, brouwt ondergistend bier. Dus zal er behalve
Jupiler ook wel Stella worden gemaakt. En de tafelbieren Piedboeuf
Blonde, Foncée (beide 1,5%) en Triple (3,8%). Dezelfde reeks bieren,
maar met ander etiket, zoals bijv. Sernia, wordt gemaakt voor de Franse
markt.
In
1950 lanceerde Piedboeuf de Jupiler Urtyp, een zacht dort-type met 5,5%
alcohol. Dit smakelijke bier heeft in de 90-er jaren plaats moeten maken
voor de luxepilsener van Artois: Loburg. Het toeval wil, dat de huidige
Loburg helemaal niet meer lijkt op het vroegere bier van Artois, maar
… op de Urtyp. Of de Loburg uit Leuven komt, uit Jupille of uit beide
brouwerijen is niet bekend.
.
Wat
in ieder geval niet (meer) in Jupille gebrouwen wordt, is witbier.
Dit keerde na een mislukt avontuur in Luik terug naar Hoegaarden.
BRASSERIE
DE BELLEVEAUX
Bellevaux
is een deelgemeente van Malmedy, gelegen op vijf kilometer van het
stadscentrum. Met de Brasserie
de Bellevaux hebben de Belgische Oostkantons (niet te verwarren met
het gebied van de Duitstalige Gemeenschap, dat is iets kleiner) sinds
het verdwijnen van de Eupener Bierbrauerei weer een nieuwe brouwerij in
hun midden. Een Franstalige, dit maal. Terwijl de rest van de
Oostkantons Duitstalig is, spreekt met in Malmedy en de buurgemeente
Waimes overwegend Frans.
De
Brasserie de Bellevaux werd in 2006 opgericht door het Nederlandse
echtpaar Wil Schuwer en Carla Berghuis. Wil studeerde farmacie in
Utrecht tussen 1970 en 78, waar hij geregeld gast was bij café Jan
Primus. Hij verliet na enkele jaren het apothekersvak. Wil ging rechten
studeren en was daarna wetenschappelijk medewerker aan de universiteiten
van Maastricht en Luik. In de tussentijd rijpte bij de bierliefhebber
Schuwer, die in 1994 met zijn vrouw Carla in Bellevaux was komen wonen,
het plan bier te gaan maken. Waar zo’n derde studie, bij Jan Primus in
dit geval, al niet goed voor is.
Een
tijd lang combineerde Wil het docentschap met bier brouwen. Tot oktober
2007. Sindsdien wijdt hij zich honderd procent aan de Brasserie de
Bellevaux. Wil brouwt vier bieren, die alle met een ‘B’ beginnen,
Blonde, Brune, Black en Blanche. De eerste twee zijn het gehele jaar
verkrijgbaar. De Blanche is het seizoensbier voor de zomertijd, de Black
voor de wintertijd. Alle bieren worden gekruid, behalve de Black. Een
vijfde bier, een Framboise, gebaseerd op de Blanche en met gebruik van
de frambozen van de kleine Framboiserie de Malmedy uit de deelgemeente
Meiz, heeft inmiddels het licht gezien.
Terwijl
brouwen vooral de core business van Wil Schuwer is, werkt Carla Berghuis
aan de productontwikkeling rondom de brouwerij en aan het slow food
concept. Slow food is het antwoord op fast food en het verdwijnen van
lokale eettradities. Het concept is mede bedacht door de Italiaanse
journalist en gourmet Carlo Petrini. Carla is er trots op dat studenten
van diens Università
di Scienze Gastronomiche uit Pollenzo de brouwerij bezochten om iets
van het brouwproces te leren en te leren bier proeven.
Carla
studeerde in 2007 af in de studierichting cultuur- en
maatschappijwetenschappen aan de Universiteit Maastricht. Haar thesis
ging over, hoe kan het anders, slow food. Ook zij wil mensen bewust
maken van hetgeen ze eten en drinken en waar producten vandaan komen.
Het mag geen marketingverhaal worden of een hype. Carla wil nù werken
aan hetgeen er resteert aan bestaande producten. Kennis, smaak en
technieken bij elkaar brengen, waarbij sociaal en ecologisch
omgevingsbewustzijn ook een rol speelt. Dat begint in feite bij de
brouwerij. Die is weliswaar opgericht door twee Nederlanders, maar de
mensen uit de streek werken bij de brouwerij, worden bij de brouwerij
betrokken of komen op bezoek bij hetgeen ze als hùn brouwerij
beschouwen.
En
het blijft niet bij bier alleen. In het brouwerijcafé en de winkel
biedt Carla zorgvuldig geselecteerde producten aan van regionale
producenten. Er is de rauwmelkse kaas Le Malmedy van de Ferme
Grodent verkrijgbaar of de Gouda van de Fromagerie
de Recht. Je kunt er Moutarde
de Montjoie uit Monschau kopen, frambozengelei of uienconfiture. Met
de chocolatier Hanf-Confiserie
uit Schönberg in het Duitstalige deel van België wordt gewerkt aan
Bellevauxbonbons voor bij de koffie.
Op
bovenlokaal niveau hebben Carla en Wil contacten met Dirk Martens,
chefkok en promotor van slow food in Vlaanderen, en zijn Waalse
tegenvoeter Philippe Renard uit Luik. Carla’s ideaal is, dat slow food
voet aan de grond krijgt in de Euregio Maas-Rijn, binnen de driehoek
Aken-Luik-Maastricht.

BRASSERIE
DU FLO
Kleine
brouwerij
van de confrérie de St. Antoine uit het dorpje Blehen. De bruine Cuvée
St. Antoine werd jarenlang gebrouwen door de Brasserie
du Bocq in Purnode en daarna bij BIOS/Van
Steenberge in Ertvelde. Inmiddels maakt men het bier zelf en wordt
het zeer lokaal afgezet (regio Blehen-Hannut). De brouwer is Didier
Cornet, tevens brouwer bij ‘La Fourmilière’ in Barchon en
oud-brouwer van de Brasserie d’Oleye. Gezien de beperkte
verkrijgbaarheid valt nog weinig te zeggen over kwaliteit en
consistentie.

Brasserie
La Fourmilière
Kleine
brouwerij in Barchon bij Luik. Hoewel fourmilière mierenhoop betekent,
is er weinig activiteit te bespeuren. De brouwer is Didier Cornet, die
vroeger bij de verdwenen Brasserie d’Oleye actief was en thans bij de
Brasserie du Flo in Blehen.

Een van de Fourmilière-bieren, La Pierreuse,
draagt in ieder geval dezelfde naam als een van de vroegere Oleye-bieren.
De brouwerij heeft geen website, geen gekende openingstijden en geen ons
ook maar enigszins bekende verdeler. Gezien de beperkte verkrijgbaarheid
valt nog weinig te zeggen over kwaliteit en consistentie. “À découvrir”,
zeggen ze in Wallonië.
Inmiddels
verdwenen brouwerijen:
VERVIFONTAINE

Dominique Thonnard
studeerde chemie in Namen. Gedurende zijn studie begon hij zelf bier te
brouwen. Zijn brouwinstallatie breidde zich langzaam uit en in 1993 kon
hij een bedrijfsruimte huren in het gehucht Vervifontaine, halverwege
Jalhay en zijn geboorteplaats Verviers. De brouwerij ging van start op
31 juli 1993. Voor ons een gewone dag, voor de Belgen de dag waarop
koning Boudewijn stierf. Het eerste bier werd in 1994 gelanceerd: het
blonde, hopbittere Bière du Lion.
Vanaf 1995 kwamen de Bières
des Fagnes op de markt, later omgedoopt tot Bièrs du Fagnard, na een
verloren rechtstrijd met de Brasserie
des Fagnes uit Mariembourg.
De Blonde was een blond
ongefilterd bier met nagisting op fles en 8,5% sterk. Het bier had een
goed evenwicht tussen moutzoetigheid en hop- en kruidenbitterheid. De
Rousse was roodbruin, ook 8,5% sterk en was moutzoetig-bitterig, met
lichte kenmerken van donkere mout en zoethout. De Brune, zelfde
alcoholpercentage als haar familieleden, was donkerbruin van kleur, met
de smaak van donkere mout en karamel.

In samenwerking met een
siroperie op het plateau van Herve ontwikkelde Dominique La Hervoise,
een donker, roodbruin bier met stroop. Na de sluiting van Vervifontaine,
in 2005, verhuisde dit bier naar de brouwerij ‘Au
Grain d'Orge’ in Hombourg.
De complete
brouwinstallatie van Vervifontaine werd overgenomen door de brouwerij
‘La Botteresse
Sur-les-Bois’ in Saint-Georges-sur-Meuse.

BRASSERIE
D´OLEYE (1994-2002)
De Brasserie d'Oleye,
in het dorpje Oleye, een deelgemeente van Waremme, werd in 1994
opgericht door Chantal Romain en Didier Cornet. Het brouwerijtje was
ondergebracht in de voormalige hoofdonderwijzerswoning van de lagere
school van Oleye, rue Elmette 39. De Brasserie d'Oleye brouwde onder
meer
la Hesbaye Blonde
en Brune en
la Pierreuse Ambrée
en Pâle. Ook brouwde de Brasserie d'Oleye heel veel bieren op
bestelling.
Eind 2002 stopte de
Brasserie d'Oleye haar activiteiten. Inmiddels is Didier Cornet weer
actief in de brouwerij ‘La Fourmilière’ te Barchon en bij de
Brasserie du Flo in Blehen.

© Peter
Kuppers